ALLES WAT JE VOELT IS OKÉ
Soms lijkt het alsof je bepaalde emoties wel mag voelen en andere juist niet. Alsof blijdschap goed is en verdriet er niet mag zijn. “Kom, al klaar… tranen drogen en weer spelen.” Alsof boosheid betekent dat je ‘moeilijk doet’, en angst iets is dat je snel moet wegstoppen. “Er is echt niets aan de hand, zo erg is het niet.”
Heb jij dat ook geleerd, dat je sommige emoties wel mag voelen en andere maar beter verstopt kunnen blijven? Alsof het goed voor je zou zijn dat je de emoties die we als ‘negatief’ hebben bestempeld, niet toelaat. Maar eerlijk: alles wat je voelt, mag er zijn. Emoties zijn niet goed of fout. Ze vertellen juist iets over wat er ‘van binnen’ met je gebeurt.
EMOTIES VERDIENEN RUIMTE
Emoties zijn er om je iets te vertellen. Verdriet laat zien dat iets belangrijk voor je is. Boosheid geeft je grenzen aan. Angst wil je beschermen. En blijdschap? Die geeft lucht op momenten waarop je die juist heel hard nodig hebt.
Kinderen met gescheiden ouders voelen vaak veel (verschillende) emoties. Of zoals wij in onze open brief schrijven: “Voor ons was de scheiding soms net een achtbaan.” Zó veel emoties. En soms voelen ze zelfs van alles tegelijk. Ze kunnen opgelucht én verdrietig zijn. Boos én bang. Verward én blij. Of opgelucht. Dat voelt voor ons volwassenen dan vaak tegenstrijdig, maar écht: emoties kunnen allemaal naast elkaar bestaan. Dat is niet goed of fout. Dat is gewoon. Geef er ruimte aan.
STOP MET HET LABELEN VAN NEGATIEVE EMOTIES
Ik merk vaak dat emoties worden ingedeeld in ‘positief’ of ‘negatief’. Sterker nog, zo heb ik het zelf ook geleerd. En als ik eerlijk ben, gaf ik dit zo ook door aan mijn kinderen. Tot iemand mij het inzicht gaf dat emoties geen verkeerslichten zijn. Je hoeft niet te stoppen bij rood en door te gaan bij groen. Verdriet, boosheid of angst zijn niet slecht. Ze horen net zo bij je als lachen om iets kleins. Of blij zijn met een verandering die goed voelt, zoals dit verhaal van een vrijwilliger dat ik graag met jullie deel:
JE MAG NIET BLIJ ZIJN
Een vrijwilliger van 25 jaar vertelt tijdens een basisdag:
“Toen mijn ouders uit elkaar gingen, vroegen ze aan mij of ik dat zelf wilde vertellen op school. Ik vond het fijn dat zij dit zelf deden, dus dat deden ze ook. Samen volgens mij zelfs. Als ik het me goed herinner. Na het gesprek kwam de juffrouw naar me toe: ‘Papa en mama hebben verteld dat ze gaan scheiden, hoe is dat voor jou?’ De intentie – en dat weet ik ook – was goed, maar toen ik zei dat ik blij was dat ze uit elkaar gingen, zei ze: ‘Oeh, maar jouw ouders zijn wel heel verdrietig, hoor.’ Dat deed zoveel met me. Ik voelde schaamte. Twijfel. Ik voelde me ook schuldig. Dus toen heb ik die blijdschap of opluchting weggestopt en werd ik een kind dat vooral niet te veel wilde voelen, zodat mijn ouders daar geen last van hadden. Nu ben ik 25 jaar en zit ik bij een psycholoog, omdat alles wat ik toen voelde me nu in de weg zit. Ik dacht echt dat mijn emoties verkeerd waren.”
TOESTEMMING ZONDER OORDEEL
Wat ik leerde van haar verhaal is dat het helpend is als wij, de volwassenen, kinderen met (in dit geval) gescheiden ouders ‘toestemming geven’ te voelen wat ze voelen. Zonder oordeel. Juist omdat zij zich vaker schuldig en loyaal voelen. Ik weet dat volwassenen vaak de beste intenties hebben als ze troostende woorden zeggen als: “Wow, dat moet heftig voor je zijn.”, “Je hoeft niet boos te zijn.” of “Maak je maar geen zorgen.” Geloof me, jouw beste bedoelingen kunnen dan zomaar het tegenovergestelde effect hebben.
Luister zonder oordeel en geef kinderen de tijd. Emoties hoeven niet opgelost te worden. Ze mogen er gewoon zijn.

