CONTACT HERSTELLEN DOOR ERKENNING EN BEGRIP
Geschreven door Sanne Abrahams, directeur van Villa Pinedo
MIJN EERSTE CONFRONTATIE MET OUDERVERSTOTING
Ouderverstoting was één van de eerste onderwerpen waar ik mee te maken kreeg in mijn rol als adviseur ‘Zorg en Veiligheid’ in mijn vorige baan bij de gemeente. Een gevoelig onderwerp. Vanzelfsprekend waren het de verstoten ouders die bij wethouders of gemeenteraden aanklopten om hun verhaal te doen. Dit ging niet altijd even subtiel en respectvol. Soms zelfs tot dreigementen aan toe. Ouders stonden in de fightmodus en gingen keihard de confrontatie met ons aan – het systeem. Vaak werd dan door ‘ons’ de deur dichtgegooid. En wat gebeurt er dan…? Juist, dan ga je nóg harder vechten.
VAN PIJN NAAR PERSPECTIEF
Wat ik vooral zag was hun pijn, verdriet en machteloosheid. Niet alleen in hun ogen, maar in hun hele zijn. Ik zag ouders die ‘het missen van hun kind’ niet konden verdragen. Ook zag ik ouders die wilden voorkomen dat andere ouders hetzelfde zouden meemaken. Gelukkig kon ik onze wethouder ervan overtuigen om wél met hen in gesprek te gaan. Natuurlijk konden we de situatie voor hen persoonlijk niet oplossen en konden we ook het systeem niet op stel en sprong veranderen. Wat we wél konden doen was luisteren naar hun persoonlijke ervaringen en erkenning geven aan hun emoties. En omdat we alleen maar hoorden wat er allemaal *@#$%^& geregeld was, daagden we ze uit om met tien concrete actiepunten te komen die volgens hen wél werkten.
VEROORDEEL KINDEREN NIET DIE (EVEN) GEEN CONTACT WILLEN
Ouderverstoting was ook één van de eerste onderwerpen waar ik mee te maken kreeg toen ik directeur van Villa Pinedo werd. Dit keer niet vanuit het ouderperspectief, maar vanuit dat van het kind. Onze Buddy’s kregen namelijk steeds meer vragen van kinderen op het Forum of in de chat, over het verbreken van het contact met één of allebei de ouders. En als onze ervaringsdeskundigen hier vanuit hun persoonlijke ervaring op reageerden, kregen wij – de kinderen en jongeren – ook boze reacties van die verstoten ouders. Het was alsof de jongeren de reactie van hun eigen ouders lazen. Het team kwam hierdoor in een soort freezemodus. We vielen stil en durfden niet meer te reageren. En we voelden zelfs een beetje paniek. Net zoals je je als kind kan voelen, als je het niet fijn hebt thuis. Of je je zelfs onveilig voelt.
Als mensen tegen je zeggen ‘je bent het gelukkigst als je beide ouders in je leven hebt’, maar jij zelf die ruimte niet voelt, dan doet dat pijn. Als aan jou wordt gevraagd ‘vind je het niet zielig voor de ouder die je niet ziet?’, dan voelt dit als een veroordeling.
VAN PIJN NAAR VEERKRACHT
Wat ik vooral zag was hun veerkracht. Want wat er uiteindelijk gebeurde: ze gingen steun zoeken bij elkaar. Ze gingen hun persoonlijke verhalen en ervaringen met elkaar delen. Vroegen aan elkaar hoe zij met de situatie omgingen en wat hun reden was om (even) geen contact met één of allebei de ouders te hebben. Wat we hiervan leerden is dat er zoveel verschillende aanleidingen en situaties zijn waardoor contactverlies kan ontstaan. Dat overal het label ‘ouderverstoting’ wordt opgeplakt en dat de omgeving veel te snel conclusies trekt. En dat er niet altijd goed geluisterd wordt naar wat er écht in een kind omgaat, waardoor ze het (even) niet fijn hebben bij één of allebei de ouders, om wat voor reden dan ook.
LUISTER EN (H)ERKEN WAT EEN KIND NODIG HEEFT
Door naar elkaars ervaringen te luisteren, kwam het team tot de conclusie dat iedere situatie waarbij sprake is van contactverlies anders is. En dat dus iedere situatie ook om iets anders vraagt. Dat alle kinderen in zo’n situatie geholpen zijn met liefdevolle steun en aandacht. Een luisterend oor. En niet met iemand die dan in de veroordelende modus schiet, in veiligheidsprotocollen gaat denken en contact met allebei de ouders gaat forceren. Luister juist naar het verhaal en geef erkenning aan de emoties. Luister naar wat er allemaal *@#$%^& is thuis, vraag wat voor het kind wél werkt en trek niet zomaar een conclusie.
EEN BEETJE CONTACT KAN OOK
En ik hoor jullie al (veiligheids)denken: wat als een kind het zelf niet goed ziet? Of als (je vermoedt dat) het wordt ingefluisterd door één van de ouders? Heel eerlijk: het kind heeft daar op dat moment geen boodschap aan. Dat het contact met de ouder(s) niet fijn is, is nu de realiteit. Je steunt het kind door dat gevoel te erkennen en uit te leggen dat je als kind altijd weer kan besluiten om wel contact te hebben. En dat dat ook met een appje kan beginnen. Een beetje contact kan ook.